Wie is toch die spits van De Heren II

Nick Gieskens is de slager van Baarn. Dat hij met een slagersmes een prachtig stuk ossenhaas van de rug van een rund kan afsnijden is bekend, ook in de portemonnee, maar wat velen niet weten is dat hij al twee seizoen de spits van De Heren II is.

Doorgaans doen slagers aan jagen voor de hobby, kijken naar motorcross, juichen bij voetbal en als het om hockey gaat? Op de reclameborden bij de hockeyclub staan om de winkel te promoten en daar stopt bij veel collega slagers de interesse in de sport. Maar niet bij Gieskens, die hoef je niet in zo’n keurslijf te duwen. Nick Gieskens is hockeyer.

Gieskens heeft een neus voor doelpunten waar Roderick Weusthof nog een hele dikke punt aan kan zuigen. Een punt aan een speklap welteverstaan. Gieskens is het type spits dat gecategoriseerd kan worden als uitstervend ras: De sluipmoordenaar. Spitsen in het moderne hockey willen graag de bal in de stick, lopen en acties maken. Gieskens niet, hij is een afmaker en te vergelijken met een sprinter in het wielrennen. Die zie je pas de laatste vijfhonderd meter en is vervolgens de gevierde man bij pers en publiek.

Cruijff zei het al eens bij Barend en Van Dorp tijdens het uitleggen hoe de ruit op het middenveld werkt: ‘Iemand helpen in het veld, dan denk je altijd dat je naar iemand toe moet. Maar je helpt iemand het meest als je een keer wegloopt’. Deze uitspraak van Johan is door Gieskens gepromoveerd tot een adagium want hij bewijst elke wedstrijd dat het klopt.

Zijn statistieken zijn namelijk ongeëvenaard. Negen doelpunten in zijn debuut seizoen, acht keer juichen in het afgelopen seizoen. Gieskens wisselt zich de wedstrijden die hij meedoet twee keer het veld in. Maximaal een half uur per wedstrijd vindt hij genoeg. Hij analyseert de verdediging van de tegenstander vanaf de bank. Zodra hij weet of de meeste kans op scoren bij eerste of tweede paal ligt komt hij erin. Hij loopt vervolgens rustig naar voren, kijkt zijn tegenstander aan, maakt een praatje maar houdt altijd in de gaten waar de bal is. Wanneer de voorzet komt is zijn stick altijd eerder bij de bal dan die van zijn directe tegenstander om de bal binnen te tikken. En wanneer hij er met zijn stick simpelweg niet bij kan, gebruikt hij onder het toeziend oog van de scheidsrechters gewoon zijn rechtervoet om de keeper te passeren.

Op de veel scorende spits van De Heren II zijn stick is na twee seizoenen ook nauwelijks slijtage te ontdekken. Verkoop je tweedehands hockeysticks tijdens een vrijmarkt zou zijn Grays achter een bordje ‘zo goed als nieuw’ hangen. Maar een goed pianist hoeft zijn piano ook nooit te stemmen. De persoon achter het instrument bepaald de slijtage, niet de frequentie van gebruik. Gieskens behandelt zijn stick zoals hij zijn vriendin behandelt. Hij gaat er zachtjes en begripvol mee om.

Nick Gieskens, doordeweeks slager en in het weekend de spits van De Heren II. Een goaltjesdief pur sang. Volgend seizoen wederom te bewonderen op Sportpark ter Eem.

You may also like...

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: